Home arrow Schoorsteenbranden
Schoorsteen branden; hoe kan ik die voorkomen? PDF Afdrukken E-mail

In Nederland komen zo’n 10.000 schoorsteenbranden per jaar voor. Door het geven van tips probeert de brandweer ervoor te zorgen dat u weet hoe u veilig uw schoorsteenkanaal kan gebruiken en een schoorsteenbrand kan voorkomen.


Schoorsteenbranden kunnen we eigenlijk in twee soorten indelen. Brand in het schoorsteenkanaal zelf en brand door straling van het kanaal.

Brand door straling
Brand door straling van het schoorsteenkanaal kunt u op de volgende manieren
voorkomen.

  • Metalen kanalen dubbelwandig uitvoeren
    Dubbelwandige metalen kanalen rondom afstorten met brandwerende korrels
    Plaats een onbrandbare plaat onder de kachel of haard, met daaronder een laag
    onbrandbaar isolatiemateriaal.
    Het gebruik van hout in de opbouw, ombouw en omtimmering van het kanaal en de
    schouw voorkomen. Indien dat niet mogelijk is, bijvoorbeeld bij houten vloeren of
    wanden, zoveel mogelijk d.m.v. brandwerende materialen zorgen dat het hout niet
    kan worden aangestraald. Gebruik hiervoor een brandwerend plaatmateriaal én
    onbrandbaar isolatiemateriaal. Let op de productspecificaties of het materiaal wat u
    wilt toepassen ook geschikt is. U kunt daarvoor advies inwinnen bij de leverancier
    of de winkel waar u het heeft gekocht.


Brand door afzetting van vuil in het schoorsteen kanaal

  • Zorg voor een goede “trek” van de schoorsteen. Als de rookgassen weinig afkoelen
  • zal zich minder vuil in de schoorsteen afzetten.
  • Laat de schoorsteen, liefst jaarlijks, vegen door een opgeleide en erkende
  • schoorsteenveger. Deze beschikt over de juiste materialen om een schoorsteen
  • goed te vegen en bezit voldoende kennis van schoorstenen en het vegen er van.
  • Zorg dat de rookgassen zo min mogelijk weerstand ondervinden (gladde
  • binnenkant, weinig bochten en hoeken / verslepingen) Dit voorkomt het afzetten
  • van vuil in het kanaal. Vuil dat tot een schoorsteenbrand kan leiden.

Verstandig stoken

  • Gebruik schoon, droog hout
  • Stook niet te heet
  • Niet teveel hout tegelijk, maar voeg regelmatig kleine hoeveelheden hout toe.
  • Zorg voor een klein laagje as op de vuurplaats, ter bescherming van de stookplaats
  • tegen te grote hitte.
  • Zorg voor ventilatie, opdat het kanaal een goede trek heeft.
  • Plaats een vonkenscherm en laat het vuur niet onbewaakt achter.
  • Houdt brandbare materialen (kleden, meubilair) op veilige afstand van het vuur
  • Houdt kinderen uit de buurt van open vuur en laat ze niet zonder toezicht in een
  • ruimte waar een haard brandt.
  • Doof het vuur niet met water o.i.d. maar laat het vuur vanzelf uit gaan. Sluit vooral
  • niet de luchttoevoeropeningen wanneer de haard nog brand.